Kruimelpad:

Stigas

Landbouw, bosbouw en visserij


Binnen de agrarische en groene sectoren wordt steeds vaker aandacht besteed aan duurzaamheid. Niet alleen als het gaat om de wijze van produceren, maar ook als het gaat om de mensen die er werken. Veel aandacht wordt besteed aan het verzorgen van prettige en gezonde arbeid. De WAI, als onderdeel van de uitgebreidere WerkVermogensMonitor, is in deze sector de manier om bij werknemers een verminderd werkvermogen vroegtijdig te signaleren. In het filmpje hoort u Nicole Litjens. Samen met haar man heeft ze een paprikakwekerij. Ze besteedt veel aandacht aan het verbeteren van arbeidsomstandigheden. In het filmpje komt ook Marlies Kamps-Nooren, arbeids- en organisatiedeskundige van Stigas aan het woord. Op www.werkeninbalans.nl vindt u meer informatie over de aanpak en interessante tips.

Lees het Inspiratieboekje WerkenInBalans of lees meer op de website WerkenInBalans.

Organisatie

Stigas is het kenniscentrum van de agrarische en groene sectoren op het gebied van arbeidsomstandigheden en preventie van ziekteverzuim.  Samen met een groep landelijk werkende agrarisch specialisten, biedt zij hulp bij preventievraagstukken aan werkgevers en werknemers in de agrarische en groene sectoren. Stigas is opgericht door de sociale partners LTO Nederland, CUMELA Nederland, VHG, FNV Bondgenoten en CNV BedrijvenBond.

Aanleiding

Een van de aandachtspunten waar de agrarische en groene sector momenteel mee te maken heeft, is de toenemende vergrijzing. Het verzuim in de leeftijdsgroep vanaf 46 jaar is ongeveer tweemaal zo hoog als die van 45 jaar en jonger. Mede door deze constateringen is besloten met een brede aanpak aandacht te besteden aan het vergroten van het werkvermogen en de inzetbaarheid van werkenden binnen de eigen branche. Een aanpak die zowel gericht is op het communiceren van het belang van levensfasegericht gezondheidsbeleid, als op de toepassing van het instrument de WerkVermogensMonitor, als de inzet van een bedrijfsaanpak voor middelgrote en kleine bedrijven. Specifiek is gekozen voor de Werkvermogensmonitor omdat het naast het in kaart brengen van werkvermogen en het risico van uitval van medewerkers, ook een relatie legt met productiviteit. Een onderwerp dat aansprekend is binnen een productiesector als de land- en tuinbouw.

Resultaten

Stigas is in november 2008 met de aanpak van start gegaan.  Marlies Kamps hield zich al langer met het onderwerp duurzame inzetbaarheid bezig en is projectleider van de pilot WerkeninBalans.  Gedurende de pilot zijn een 20-tal bedrijven begeleid, 1028 vragenlijsten verspreid en hebben 564 personen deelgenomen.  Dit is een responsepercentage van 55%. Van de respondenten behaalde 2% een slecht werkvermogen (rood). 13% een verminderd werkvermogen (oranje).
Daarnaast is veel aandacht besteed aan communicatie met de achterban. Worden voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd, is een filmpje gemaakt en wordt begin 2010 een inspirerend boekje met bijbehorende website uitgebracht.

Deelnemers aan de pilot geven aan de aanpak WerkenInBalans en daarmee de WerkVermogensMonitor voor verschillende doelen in te zetten. Variërend van het binnen de eigen organisatie bespreekbaar maken van onderwerpen als ‘inzetbaarheid’ en ‘werkvermogen’, tot het in beeld krijgen van de stand van zaken rondom inzetbaarheid en het verkrijgen van concrete verbeterpunten op het gebied van gezondheidsbeleid.

De pilot die in oktober 2009 afgerond is, vormt de basis voor verder onderzoek. De bewustwording in de eigen gezondheidstoestand is de belangrijkste stap die in de pilot is gezet. Hierbij is vooral de communicatie voorafgaand aan het project de sleutel tot het succes geweest.

Vervolg

Uit de eerste evaluatie blijkt dat het merendeel van de deelnemers aan de WerkVermogensMonitor tevreden is met wat het oplevert. Het instrument geeft visueel de resultaten weer en concrete adviezen om over na te denken. Dit leidt tot de zelfbewustwording waar de organisatie naar streeft.
Vragen die onder andere nog verder onderzocht dienen te worden zijn “Hoe betrek je zelfstandigen en kleine bedrijven en hun medewerkers bij deze aanpak?” en “Hoe zorgen wij ervoor dat werkenden het instrument als een nuttig hulpmiddel gaan zien en gebruiken?” Daarnaast is men op zoek naar een methode waarmee het bereikte rendement meetbaar gemaakt kan worden.
De do’s en don’ts die Marlies Kamps aangeeft naar aanleiding van de pilot WerkeninBalans:
Do’s:
• Vertrouwen is het sleutelwoord voor een geslaagde aanpak. Openheid over het hoe en waarom van de aandacht bevordert het vertrouwen. Een goed geplande communicatie kan hier zeker aan bijdragen.
• Afstemmen van verwachtingen, waarom je iets gaat doen en wanneer je tevreden bent.
• Maak de WAI/WerkVermogensMonitor onderdeel van een breder gezondheidsbeleid.
• Laat de ondernemer en de personeelsfunctionaris de WAI/WerkVermogensMonitor zelf invullen.
• Stimuleer het op gang komen van een dialoog tussen leidinggevende en medewerker over manieren om het eigen werkvermogen te bevorderen.
Don’ts:
• Geef niet tè veel aandacht aan privacy. Privacy is een heel belangrijk item, voldoe aan alle regels maar te veel aandacht hieraan kan onrust veroorzaken.
• Gebruik de WAI/WerkVermogensMonitor niet als eenmalig instrument of selectiemiddel.
• Communiceer niet te veel over het instrument, maar stel het doel centraal.

Wilt u meer informatie over de ervaringen van Stigas met de WerkVermogensMonitor? Neem dan contact op met Marlies Kamps: ejhm.kamps@stigas.nl.
Wilt u graag uw ervaring met de Work ability index delen, stuur dan uw verhaal naar Blik op Werk per e-mail naar: waipraktijkvoorbeelden@blikopwerk.nl

 

Meer informatie

0900 25 45 679 (€ 0,10 pm)

Hoofdmenu

Op de hoogte blijven?

Aanmelden nieuwsbrief

Metamenu

Algemene zoekfunctie